Translate

zondag 30 juni 2013

Paklenica

Vandaag hadden we de wekker om 8u30 gezet. Na het ontbijt sprongen we de auto in en reden we naar Paklenica, een deel van de Velebit. Het was wel nogal ver… Het eerste deel was langs de kust. We werden dus verwend met mooie uitzichten. Er waren wel wat wegenwerken op een groot deel van de kustweg, zodat we niet zo snel vooruit gingen.

Na de kustweg begonnen we aan een stevige klim. Gedurende een kilometer of twintig bleven we stijgen, met af en toe een haarspeldbocht (serpentina’s). Toen we boven waren, kwamen we op de autostrade richting Split : voor het eerst in Kroatië een echte autostrade waar we 130km/h konden rijden. Ongeveer 2u30 na het vertrek kwamen we aan bij de ingang van het nationaal park Paklenica. We betaalden de inkom en konden een goeie kilometer verder parkeren.

Vanop de parkeerplaats konden we al genieten van het mooie landschap : indrukwekkende bergen met afgeronde toppen van steen. Na ons middagmaal vertrokken we voor een wandeling door de kloof van Paklenica. Tijdens het eerste deel van de wandeling zagen we heel veel klimmers. De klimmers verdwenen toen de kloof smaller werd en het paadjes steiler.

De kloof in Paklenica.

We wandelden ongeveer twee uur. Na de eerste steile klim werd het allemaal wat gemakkelijker. We liepen een ganse tijd langs een riviertje. De kloof werd ook een heel stuk breder.

De wandeling in Paklenica.

Bij een hutje (Lugarnica) keerden we terug, opnieuw genietend van de wondermooie bergen. Iets voor 16u waren we terug aan de auto.

Veel klimmers in Paklenica.

De terugrit verliep vlot, maar de gps probeerde ons door niet-bestaande straatjes te sturen op weg naar ons appartementje. We hadden alletwee grote honger, dus stapten we richting zee op zoek naar een restaurantje. Daar aten we een grote visschotel voor twee personen. Terug in het appartementje kropen we snel in bed.

zaterdag 29 juni 2013

Krk

Na onze jacht op de muggen van gisterenavond, was het vanmorgen wat moeilijker om uit bed te geraken.  Rond 10u hadden we gedaan met ontbijten en waren we klaar om te vertrekken.  Doel van de dag was Krk (spreek uit: Keurk), het grootste eiland in de Adriatische Zee.

Langs een tolbrug kwamen we op het eiland en hoewel we in eerste instantie het idee hadden dat het daar erg droog was, bleek het er toch verrassend groen.

We startten onze rondrit in Omišalj, waar we tevergeefs (wegens gebrek aan munten) een parkeerticket uit de automaat probeerden te halen.  Een klein beetje op ons ongemak wandelden we door het dorpje, langs leuke smalle straatjes.  Het uitzicht over de kust van Kvarner viel ons wat tegen, omdat het wat verpest werd door lelijke silo's.

In Dobrinj konden we gelukkig écht gratis parkeren.  Ook hier weer gezellige straatjes met veel rozemarijn, hortensia's en oleanders.

Krk-stad.
Vervolgens reden we naar de hoofdplaats van het eiland: Krk-stad.  Daar sterkten we eerst onze innerlijke mens met de locale spcialiteit, surbiče, een soort (platgekookte) buisjespasta.  We vonden het allebei een gezellig stadje, nu nog niet te druk.  Volgende maand zal dat wel anders zijn.

Een bijzondere klok in Krk-stad.

Op onze wandeling kwamen we langs de kathedraal, het kasteel, de stadswallen,...  Vanop het betonnen strand hadden we een mooi zicht op de stad, terwijl onze voetjes in het water bengelden.

Zicht op Krk-stad.

Daarna hielden we het voor bekeken en keerden we terug naar het vasteland, op zoek naar een supermarkt.  Nadien rustte ik nog een beetje, namen we een douche en genoten we van een eenvoudig maar lekker, zelfgemaakt maaltje.

We kropen na een paar afleveringen "The Big Bang Theory" in bed, zonder muggenjacht.

vrijdag 28 juni 2013

Pula - Dramalj

Toen we opstonden was het enorm hard aan het regenen. Met af en toe een donderslag werden we echt wel wakker geschud. Na het ontbijt begonnen we de auto te laden, nog altijd in de gietende regen. Rond 10u gingen we op zoek naar de eigenaar van het huisje, maar die konden we niet vinden… We vertrokken dus maar zonder afscheid te nemen van de eigenaar.

Na ongeveer een uurtje rijden kwamen we aan in Pazin, de hoofdstad van Istrië. Toen we uitstapten aan het kasteel, stopte het juist met regenen. We stapten rond het kasteel en konden de kloof van Pazin zien. Een tamelijk diepe kloof waar een riviertje in het karstgebergte verdwijnt.

Het kasteel van Pazin.

Aan een brug hadden we een mooi uitzicht over de kloof en het kasteel. Van aan de brug konden we (tegen betaling) de kloof inwandelen. We liepen via een leuk paadje naar beneden, tot aan de rivier. We kwamen dicht bij de plaats waar de rivier in de rotsen verdwijnt, maar er stonden zoveel bomen in de weg dat we nooit een goed zicht kregen. Toen we terug uit de kloof waren kochten we ons een flesje olijfolie met truffelsmaak.

De kloof van Pazin.

We reden droog richting Beram, maar vonden de kapel niet direct, dus zochten we ons een rustig plekje uit langs de weg waar we konden piknikken.

Piknikken in de buurt van Beram.

Na ons lekkere maaltje reden we door naar Hum, het kleinste stadje van de wereld. Op de één of andere manier moesten we niets betalen voor de péage, terwijl de auto’s voor ons precies nogal moeite hadden om te betalen.

De smalle straatjes in Hum.

Bij de aankomst in Hum vonden we al snel een geocache. Het kleine stadje bestaat eigenlijk uit twee kleine straatjes, met gezellige huisjes en een mooi kerkje. We kochten een flesje olijfolie in één van de winkeltjes.

Het kerkje van Hum.

Op weg naar Kotli kwamen we enkele standbeelden tegen met glagolitisch schrift, een oud lettertype dat hier in de buurt is ontstaan. In Kotli liepen we wat naast de rivier die hier en daar diepe poelen had aangemaakt. We hadden vanuit de rivierbedding een prachtig zicht op een watermolen. Voor we verder reden genoten we nog met onze voetjes van het koude water. Zalig!

De watermolen in Kotli.

Een kleine 10 kilometer verder kwamen we in Roć. Een dorpje met een stadsmuur. Roć was iets minder speciaal dan we hadden gedacht dus waren we snel weer weg.

Genieten van het koude water.

De weg naar Crikvenica is echt de moeite: constant mooie uitzichten over de zee. Toen we aankwamen bleek dat we niet in Crikvenica, maar in Dramalj moesten zijn. Gelukkig was dat maar een paar kilometer terug. We moesten wel een enorm steil weggetje op en net op het steilste stuk moesten we een grote weg opdraaien. Het is dus niet verwonderlijk dat ik stil viel.

Na vijf minuutjes wachten konden we binnen in het appartement: enorm groot, met grote keuken, living en twee slaapkamers! Allemaal heel knap!

We gingen nog iets eten, met zicht op zee, namen een douche, bewerkten nog wat foto’s en lazen nog wat voor we in bed kropen. In bed werden we al snel gestoord door muggen. Na drie muggenjachten (en drie gesneuvelde muggen) vielen we eindelijk in slaap, ook al was er nog steeds een mug aan het zoemen.

donderdag 27 juni 2013

Pula

Vannacht leek het op een bepaald moment wel te stormen, maar gelukkig zag het er 's morgens al heel wat vriendelijker uit en scheen het zonnetje volop.  We namen ruimschoots de tijd om rustig wakker te worden en te onbijten en rond 11u vertrokken we te voet naar het centrum van Pula.  Het duurde een klein halfuurtje eer we bij het amfitheater stonden, het startpunt van de wandeling uit onze reisgids.  Van de oorspronkelijke binnenkant blijft niet veel meer over (gerecycleerd voor andere gebouwen), maar de buitenkant is wel zeer de moeite waard.  Gelukkig is van het plan van de Venetianen om het amfitheater steen voor steen te verhuizen nooit wat terecht gekomen...

Amfitheater van Pula.

We wandelden verder door de stad en kwamen o.a. de Tweelingpoort en de Herculespoort tegen.  Bij de kathedraal aten we een stuk pizza dat we in de rapte bij de bakker gekocht hadden.  Even later kwamen we op het Forum, met de Tempel van Augustus en het stadhuis dat verdergebouwd is op de Tempel van Diana.

Tempel van Augustus.

In de toeristische Sergiusstraat werden tal van pogingen gedaan om ons een restaurant in te lokken.  Toen één van die mannen hoorde dat wij van België zijn, begon hij al direct over voetbal en hoe goed wij toch spelen.

We maakten nog een ommetje langs een mozaïek uit de derde eeuw (Straf van Dice) en de sobere Maria Formosakapel.  Aan het einde van de straat kwamen we uit op de Sergiusbood.  Vervolgens klommen we omhoog naar het Fransiscanenklooster en zo verder naar het kasteel, waar we nog een leuk uitzicht hadden op de haven en het amfitheater.  Daarmee zat onze wandeling erop.  We kwamen nog twee geocachers tegen, maar de cache werd toch niet gevonden.

De sobere Maria Formosakapel.

Alvorens aan de terugtocht te beginnen, dronken we nog een appelsiensapje, terwijl we even in de zetels konden uitrusten.  Zowel de rust als het sapje deden deugd.

Voor we in de buurt van ons huisje gingen eten, namen we nog een frisse maar deugddoende duik in de zee, gevolgd door een heerlijke douche.  Het avondeten (bij Farabuto) was overigens superlekker: eerst een visschotel en daarna pasta met truffels en Istrische ham.  De eigenaar van ons huisje had groot gelijk toen hij ons dit restaurant aanprees.

Een overheerlijk voorgerechtje!

Na dit lekker maaltje, keerden we terug naar ons huisje en niet veel later gingen we slapen.

woensdag 26 juni 2013

Piran - Pula

Ook vandaag waren we al een tijdje wakker toen de wekker ging om 9u. We pakten onze spullen in en gingen eten. Ook vandaag was het ontbijt weer goed verzorgd en lekker. Het is toch altijd gezellig om buiten te eten en intussen te genieten van de hagedissen.

Na het eten ging ik al een deel van de valiezen naar de auto brengen. Na het betalen van de rekening, stapten we samen naar de auto met de rest van de valiezen.

Al vlug kwamen we aan de grens tussen Slovenië en Kroatië. Aan de Slovenen voor ons werd er precies vanalles gevraagd en het leek alsof zij hun passen moesten laten afstempelen. Wij konden gewoon doorrijden. Als snel kwamen we in Kanfanar, waar we naar de ruïnes van Dvigrad gingen kijken. We aten eerst wat op de parking en liepen daarna wat rond tussen de ruïnes. De ruïnes waren leuk om te zien en we werden ook nog getracteerd op mooie, grote sprinkhanen en een hoop hagedissen. Sara dacht dat ze een koppel zag waarvan de man een naaktportret van de vrouw aan het nemen was tussen de ruïnes.

Een sprinkhaan in Dvigrad.

Net voor we in Pula aankwamen stopten we in een winkelcentrum om wat inkopen te doen. Ons huisje in Pula ligt heel rustig. We hebben een mooi terras, perfect uitgeruste keuken, mooie badkamer en slaapkamer. Het huisje ligt wat op een heuvel, maar het is maar 5 minuutjes wandelen tot aan de zee. We gingen natuurlijk eens zwemmen, maar het water was toch kouder dan we dachten. Terug in het huisje namen we een douche en begonnen we te koken. Sara maakte lekkere lecho.

Dvigrad.

Na het eten lazen we wat, bewerkten we de foto’s en keken we samen naar de foto’s.

dinsdag 25 juni 2013

Piran

We waren al een tijdje wakker voor de wekker om 9u afging, maar we voelden ons allebei nog een beetje tam, dus bleven we nog een tijdje liggen soezelen.  We aten ons ontbijtje buiten op het terras, in de schaduw van twee kiwibomen, waarvan er eentje beladen was met vruchten.  Blijkbaar waren de bomen al 30 jaar oud, dus we hebben nog een hele weg te gaan met dat kleine plantje in onze tuin.

Tegen de tijd dat we naar het stadje wandelden, was het prachtig weer geworden, dus we smeerden onszelf/elkaar maar goed in.  De smalle straatjes, waar de was langs de gevels was te drogen gehangen, stapten we naar het centrum van het stadje.  We hadden gisteren in onze reisgids gelezen dat het vandaag de nationale feestdag was, maar daar merkten we eigenlijk niets van.

Lekker verfrissend.

We vonden een rustig plekje langs de zee, waar we lekker onze sandalen uitdeden en onze voetjes in het water staken.  Dat was heerlijk verfrissend!  We wandelden nog wat verder, o.a. langs een kerkje.  We genoten van het uitzicht over het stadje en kuierden nog wat door de straatjes.

De voetjes in het water steken bracht de nodige verkoeling.

We kwamen langs een drukker stukje strand, waar je wel makkelijker het water in kon (langs de vele trapjes), maar waar er enorm veel mensen in de zon lagen te bakken, in de meest oncomfortabele posities, zo op de rotsen.

We zochten ons ergens een tafeltje uit op een schaduwrijk terras en aten lekkere risotto (met scampi en zwammen), maar eigenlijk was het veel te warm om te eten.  Jammer genoeg horen slaatjes nu even niet tot de mogelijkheden.

Zicht over het stadje.

Met een nieuwe laag zonnecrème gingen we verder langs het water, richting hotel, de hele tijd in het water zoekend naar visjes.  Ik plofte me even neer op bed, terwijl Wim de foto's al bewerkte.  Daarna zochten we wat verkoeling op het terras van het hotel.

In de vooravond wilden we teruggaan naar het strandje van vanmorgen om te gaan zwemmen.  Intussen waren er al wat wolken komen opzetten en stond er een stevig windje.  Toch gingen we met onze spullen tot daar (Wim zijn pet ging onderweg al bijna vliegen en mijn kleedje wapperde alle kanten op), maar de wind had het toch te fris gemaakt en bovendien stonden er veel golfjes op de zee.  We keerden dus maar terug voor een aangename douche, alvorens we gezellig langs de waterkant gingen eten.  De zee was hier ondertussen alweer rustiger geworden, maar aangezien we proper gewassen waren, gingen we toch maar niet meer zwemmen.

We wandelden terug en na enkele pagina's lezen, knipten we het licht uit.

maandag 24 juni 2013

Gaschurn - Piran

Toen we om 7u30 opstonden was het nog altijd heel hard bewolkt. Na het ontbijt en het inladen van de valiezen gingen we nog eens langs bij Dieter Lang. Buiten merkten we pas goed hoe koud het was geworden en dat er een goed pak sneeuw was gevallen op de bergen. 

Vers gevallen sneeuw in Gaschurn.

Na een kort bezoek aan de Spar vertrokken we om 9u richting Slovenië. Het begon al heel snel te regenen. We reden door heel veel tunnels, waarvan de Arlbergtunnel (15 km!) de langste was. Door de vele tunnels berekende de gps altijd opnieuw de weg en blijkbaar niet altijd op dezelfde manier. In plaats van tamelijk snel Italië binnen te rijden, bleven we in het koude, regenachtige Oostenrijk. De temperatuur daalde op een bepaald moment tot 6 graden!

Na een ommetje door Duitsland, waar het eventjes stopte met regenen, maar waar we wel een uur in de files stonden, reden we bij Salzburg opnieuw Oostenrijk binnen, waar het opnieuw hard regende. Toen we Italië binnenreden werd het langzaam droger.  Eens we de Alpen uit waren begon de temperatuur ook te stijgen. Voor we het beseften was het 25 graden en het zonnetje kwam eindelijk vanachter de wolken piepen.

Al snel reden we Slovenië binnen en van aan de grens is het niet ver meer naar Piran. In Piran raakten we wat in de war : parkeren is niet zo evident. Na een keer de stad te hebben ingereden, parkeerden we ons iets buiten de stad (op ongeveer 1 km). Onze B&B lag in een gezellig, smal straatje.

Piran.

Nadat we onze spullen hadden afgezet in onze kamer, kuierden we nog wat rond door het haventje, zochten we naar vissen en belandden we op de grote markt. Daar in de buurt aten we lekker inktvis. We liepen nog eens terug naar de auto (het werd echt wel fris ) om nog wat spullen op te halen. Terug in de kamer schreven we het reisverhaal en bewerkten we nog wat foto’s voor we rond 23u gingen slapen.

Het haventje van Piran.

zondag 23 juni 2013

Tübinger Hütte

Tegen 8u ging de wekker af en aangezien er al licht binnenviel in onze kamer, ging opstaan relatief gemakkelijk.  Bovendien scheen het zonnetje al vrolijk.  Na het ontbijt praatten we even met Nathalie en zagen we de ouders zelfs allebei (dat lukt zelfs niet altijd als we daar twee weken zijn in de winter).

Terug in onze kamer, zochten we onze spullen bijeen, smeerden we ons in,...  Ik had in ons wandelboekje een mooie wandeling van aan het middelstation tot aan de Tübinger Hütte (en terug) gezien en hoewel er bij stond dat deze ongeveer 6u in beslag zou nemen, besloten we toch om ervoor te gaan.  Er was immers altijd de optie om vroeger terug te keren.  Nathalie stopte ons nog het noodnummer (van het hotel en van de Bergrettung) toe en we gingen op weg.

In het dalstation kochten we tickets voor de gondel tot aan het middelstation en terug.  De laatste gondel naar beneden vertrekt om 17u15, dus dat was de harde tijdslimiet voor het afwerken van de wandeling, want om na zo'n lange wandeling ook nog tot helemaal beneden te stappen, zou het ons allebei waarschijnlijk aan fut ontbreken.

Tegen 10u stgonden we aan het vertrekpunt en konden we onder een stralende zon aan onze tocht beginnen.  Het ging eerst al goed naar beneden.  Geen prettige gedachte dat er bijna op het einde van de wandeling nog een pittig stukje bergop op ons lag te wachten.  Beter maar niet te veel achterom kijken.

Ganeu-Maisäβ.

Even voorbij de Ganeu-Maisäβ moesten we schuin een weideflank oversteken.  Zo'n klein paadje (gewoon uitgesleten uit het gras) vonden we wel leuker dan het steenslagpad dat we tot dan toe hadden gevolgd.

Weideflank oversteken.

We kregen twee mountainbikers in het oog die het brede pad langs de Ganera-rivier volgden en dat zag er ook niet simpel uit.  Te voet ging zelfs sneller (tot we aan het vlakke stuk kwamen).  Toen ik een klein beekje een zinken badkuip zag vullen, bedacht ik me dat ik me bij de terugkeer maar al te graag in zou verfrissen.

Het kleine paadje kwam weer uit op het grotere pad en werd geleidelijk aan ook vlakker (de mountainbikers haalden ons uiteindelijk dan toch in).  We kwamen vervolgens in een valleitje dat was uitgesleten door een gletsjer, met een rustige Ganera en vele watervalletjes die erop uitkwamen.

De Ganera-vallei.

We hielden even halt om mijn rugzak wat bij te stellen en terwijl Wim aan de litsen van mijn heupriem stond te trekken, tuurde ik wat rond, op zoek naar... beestjes!  Al snel kregen we 2 - 3 marmotten te zien, wel nog tamelijk ver, maar dat kon de pret niet drukken.  Ze gaven ons ruimschoots de tijd om foto's te nemen.

Marmot.

Even later hoorden we het gerinkel van de bellen van tientallen bergkoeien (van die mooie bruine) die rustig stonden te grazen en er geen aanstoot aan namen dat er zo nu en dan wandelaars passeren.

Een tijdje later kwamen we aan de Ganera Alpe en omdat we ons allebei nog goed voelden, stapten we verder richting Tübinger Hütte.  Gelukkig, want even verder werden we beloond met het verschijnen van twee prachtige gemzen, tamelijk dichtbij.  Eentje was tamelijk snel verdwenen, maar de andere liet zich goed bekijken (en fotograferen).

Gems.

Nog diep onder de indruk hielden we kort halt om snel te eten.  Het pad was intussen alweer minder vlak geworden.  Pas redelijk laat beseften we dat ons einddoel al de hele tijd duidelijk zichtbaar was op de besneeuwde toppen voor ons.

Tübinger Hütte.

Tegen 13u30, bijna aan de hut, keerden we toch maar terug.  We wilden immers de laatste gondel zeker niet missen (zonder ons te moeten afjagen) en bovendien begon het weer meer en meer te betrekken.  De besneeuwde toppen met de hut waren op de duur nog slechts met moeite zichtbaar.  Onze loopjassen weden aangetrokken (er was intussen een koude wind opgestoken) en onze plannen om ons te verfrissen, werden opgeborgen.  Wel werden we nog getrakteerd op een show van de marmotten, heel dicht nu.  Wat zijn die diertjes schattig als ze zo rechtop zitten!

Ook het laatste stukje bergop ging nog vlot en na ca. 5u stonden we gereed om de gondel naar beneden te nemen.  We hebben echt heel veel geluk gehad met het weer, want toen we op bed neerploften, was het beginnen te gieten, helaas voor de rest van de avond.

Er werd op ons gewacht aan het middenstation.

We verwenden onszelf met een broebelbad en een douche en daarna nog met een lekker maaltje bij de Italiaan.  Rond 21u30 kropen we moe maar tevreden in bedje voor een welverdiende nachtrust.

zaterdag 22 juni 2013

Roosbeek - Gaschurn

Toen de wekker om 4u30 afliep, was het niet eenvoudig om uit bed te kruipen. Maar om op vakantie te vertrekken, deden we graag een beetje moeite. Om 5u02 vertrokken we richting Gaschurn. Het eerste deel, ongeveer 300km, verliep heel vlot. Op de autosnelweg door de Moezelvallei is het altijd heel rustig. Om de tijd te doden verzonnen we een spelletje : we noemden een automerk en moesten dan op zoek naar een auto van dat merk. Meestal ging het heel vlot, maar naar een Mini moesten we wel heel lang zoeken. De Alfa Romeo hebben we nog altijd niet gevonden.

Na drie stops kwamen we om 14u aan in Gaschurn. We dronken snel een fruitsapje, waarna Daniel ons onze kamer toonde : kamer 31, net onder het dak. Nadat we al onze valiezen naar onze kamer hadden gebracht, en na een praatje met Hannes, vertrokken we om 15u voor een eerste wandeltocht.

We klommen via een steil paadje langs Pfanges naar het middenstation van de Versettla-lift. Tijdens de klim hoorden we plots iets ritselen achter ons. Toen we omkeken zagen we heel dichtbij een gems wegrennen. Te snel om een foto te maken. Boven aten we nog iets op een bankje bij de Rehsee.

Klimmen in Gaschurn.

Tijdens de afdaling gingen we iets drinken in de Lammhutta. We twijfelden nog om onder een grote klok te gaan zitten. Gelukkig deden we dat niet, want om 18u begon die plots hard te luiden.

De grote klok in de Lammhutta.

Om 19u waren we terug aan het hotel. We gingen snel iets eten bij de Italiaan, want we hadden enorme honger! We werden bediend door ‘den ouden’ en ook ‘den bleken’ liep daar rond.

Na het eten kropen we nog snel even in het bubbelbad. Na een douche zagen we boven op de bergen nog de vuren van het zonnewendefeest branden. Doodmoe kropen we rond 23u in bed.